Lijden is default

Een mens is altijd op zoek naar geluk, zegt men. Of naar gemoedsrust, of liefde, of de waarheid, of naar de zin van het leven of zoiets. Nou, dat geeft dus precies aan waaraan het hem in de kern ontbreekt. Dus wat zijn basistoestand eigenlijk is, wat de ellendige human condition is waarvan hij zich wil bevrijden. Ik bedoel, de menselijke default conditie is: lijden! Daar is toch geen speld tussen te krijgen?! 

Nou goed dan, welbeschouwd is de mens dus zijn hele leven bezig zijn lichamelijk en psychisch lijden te verlichten. Zijn hele leven lang bezig te onderzoeken en te leren waar en hoe en bij wie hij een veilig gevoel kan vinden. Er zit niks anders op. En omdat ie een sociaal dier is, sterk afhankelijk van anderen ook nog eens, zal ie ook proberen het lijden te verlichten van in ieder geval zijn directe naasten. Daarom denk ik dat de mens in wezen goed is. Daar kiest hij niet voor, hij zal wel moeten. Goed voor zichzelf, om zijn hoofd boven water te houden, en goed voor de ander, want hij redt het niet in z’n eentje. 

Natuurlijk is een mens ook slecht want dat komt hem en zijn familie en groep soms ook ten goede als hij minder wil lijden. Moord en doodslag desnoods. En mocht zijn eigen familie of groep hem erg doen lijden, nou dan kan ie ook be-hoor-lijk slecht zijn. Ook moord en doodslag desnoods. 

Maar ik hou vol: in wezen is de mens goed. U, ik, we zijn allemaal goed, of we willen of niet, we zullen wel moeten.

Eet geen Portugese avocado´s

Beseffen de voorstanders van vegetarische diëten en gezonde voeding wel hoeveel milieuproblemen het produceren van ´hun´ voorkeursvoeding elders veroorzaken? In Zuid-Portugal vechten de inwoners van vele dorpen al jaren tegen de aanleg van enorme  avocadoplantages, die het schaars aanwezige grondwater in kubieke meters per seconde verbruiken, waardoor de omgeving van die plantages totaal uitdrogen.

Wat voor kwaad zit in de goeden?

Om onder andere Maxim Februari te parafraseren: stompzinnigheid, oppervlakkigheid, onverschilligheid, angst voor de chef, hypocrisie, leedvermaak, onderlinge concurrentie, zelfzuchtige ambitie, machtsspelletjes, vriendjespolitiek en belangentegenstellingen etc.

Vooral ook binnen de almaar uitdijende organisaties van al die instanties die toezicht horen te houden op de uitvoering van democratische wetten.

Het kwaad zít in de goeden

Toezichthouders zijn de goeie mensen die de kwaaie mensen in bedwang moeten zien te houden. Daar zijn ze voor aangesteld, wettelijk, van overheidswege alleen al in tenminste 50 instituten. En buiten de wettelijke instituten nog eens in honderden beroepsverenigingen, bedrijfscommissies, consumentenwaakhonden, etc. 

Maar wat als die Toezichthouders niet competent zijn, of domweg te nalatig, te laf, te lui, te slordig, te empathisch, te onverschillig om de kwaaien aan te pakken? Dan worden de kwaaien niet teruggezet, dan gaan ze tussen de juridische mazen door, glibberen ze langs hun tuchtcollege, omzeilen ze keuringsbureau’s, gaan ze de doofpot in.  

Ja, en dan stort er een dak van een stadion in, dan lekt je privacy naar de straat, scheurt de muur van je huis, bederft je krant door fake-news, eet je fout vlees, stinken de bonus-graaiers, sijpelt een tbs’er er tussendoor. Ik bedoel, dan worden de goeien het werkelijke kwaad. 

Het Kwaad zelf is niet het probleem, dat is van alle tijden, dat zal er altijd blijven, daar moet je je niet al te druk over maken. Maar als het Kwaad zich nestelt in het Goede, dan moet je oppassen voor je democratie en je veiligheid.

En vooral als falende Toezichthouders ook nog eens gaan draaien en liegen, dan verliest de burger pas werkelijk zijn vertrouwen in zijn democratie van checks en balances. Dan worden ze woedend, of depressief.

Doet me denken aan die ouwe uitspraak, van Aristoteles: het enige wat je met liegen bereikt is niet geloofd worden als je de waarheid spreekt.

Wat is dat: een intellectueel?

Kenmerken van ‘de intellectueel’: een ongebonden vrijdenker, met een sterk kritisch analytisch en objectiverend denkvermogen, vrij van eigenbelang, een uitgebreid kennis- en ervaringsnivo, hoge opleiding, een track record met zekere professionele status, deelnemer aan het publieke debat. Wat niet wil zeggen dat hij niet ook geëngageerd kan zijn, meestal wel zelfs, maar hij zal zijn onafhankelijke ziel niet aan zijn ‘partij’ verkopen.

De intelligentsia moet vooral niet verward worden met ‘de elite’ van welk soort dan ook, laat staan met ‘het establishment’. Universiteiten zouden hun taak weer moeten opnemen om intellectuele scherpdenkers te kweken ipv. voornamelijk een vakopleiding te zijn voor drukdoeners. Politieke leiders en hoge staatsfunctionarissen zouden gerecruteerd moeten worden uit de intelligentsia en niet uit het belanghebbende bedrijfs, maatschappelijk of culturele leven. Intellectuelen met een sterk oordeelsvermogen waar een geducht geweten en veel verbeeldingskracht aan vast zit, is dat niet wat we vooral nodig hebben?

#MeToo en #MeNot

 De #MeToo beweging zou wel eens een veel goodwill-winst kunnen boeken als ze vals beschuldigde mannen rigoureus en keihard zou verdedigen. Een dergelijke welwillende loyaliteit naar die mannen zou de huidige krampachtige verhouding tussen de seksen flink kunnen ombuigen naar een niet afgedwongen, oprechte wederzijdse loyaliteit. 

Die uitspraak van Meryl Streep deed de mannen erg goed: ‘………maar het zijn wel onze mannen!’

Pijnlijke herinneringen

Als je iets maar liever wil vergeten is het kennelijk belangrijk. Maar als het belangrijk is zal je brein het geheel ongevraagd in je geheugen prenten om te voorkomen dat zoiets ellendigs je niet weer gaat overkomen. Veel schrijvers hebben gewezen op die paradox: als je iets wil vergeten is het nodig om dat goed onthouden! 

Daarom zijn die uitspraken onzin: ‘Het geheim van een goed huwelijk is een slecht geheugen’ (Youp). Of: ‘Geluk is een goede gezondheid en een slecht geheugen (A.Schweitzer). 

Moedwillig vergeten is onzin. Negeren is onverstandig. En een pijnlijke herinnering onbewust laten zelfs gevaarlijk want (zo zeggen de psychotherapeuten): wie zich niet herinnert herhaalt zich.

Het beste advies lijkt nog steeds: ga een confrontatie met een pijnlijke herinnering nooit uit de weg maar beoordeel telkens weer of het op dit ogenblik, of in dit vergelijkbare geval, wel nodig is om er op te reageren, om er iets mee te doen. Meestal niet waarschijnlijk.