De menselijke rationaliteit is beperkt

Over Immanuel Kant’s 2e vraag: ‘wat is de mens?’ zijn inmiddels hele bibliotheken vol geschreven. In mijn visie is de mens:

  • Een beperkt rationeel wezen: veelal denkend in oorzaak en gevolg op basis van geobserveerde feiten,
  • Dat fysiek uiterst kwetsbaar is en biologisch bepaald alleen maar in groepen kan leven,
  • Met een enorme verbeeldingskracht omtrent toekomstige mogelijkheden en handelen,
  • Maar ook met  perspectivische inbeelding over de werkelijkheid op basis van verlangens, gevoelens en onderliggende emoties.

Welke beeld je van de mens (en dus van jezelf) hebt is uitermate belangrijk voor je persoonlijke keuzen en handelen. Als je de mens als puur rationeel ziet, dan verwacht je eigenlijk dat anderen ‘net zo rationeel’ als jij zullen handelen. De berekeningen van jouw ‘spreadsheet’ zullen volgen. Maar dat zal bijna nooit het geval zijn.

Beperkt rationele wezens doorzien lang niet altijd de feitelijke oorzaak en gevolg relatie van gebeurtenissen, ook niet bij hun plannen voor de toekomst. Daarvoor heb je enerzijds veel kennis en ervaring nodig en anderzijds moet je je persoonlijke motieven en emoties onderkennen. Beperkte rationaliteit verklaart ook de moeite bij keuzebeslissingen als er teveel keuze alternatieven zijn. Of als keuzen teveel verlies (emotionele pijn) veroorzaken .

Je mens-zijn, je persoonlijkheid wordt gevormd vanuit je genen en de invloeden vanuit je directe sociale omgeving, vanaf je geboorte. Er is zelfs sprake van een wisselwerking tussen je fundamentele externe beïnvloeding en je genen (die gaan uit of aan). Die fundamentele invloeden vertalen zich uiteindelijk zelfs volledig van hoofd tot voeten in je biologische processen: hoe je beweegt, wat je observeert (ziet), wat je perceptie is van de wereld om je heen, hoe je je voelt, wat je spanning bezorgt.

Geen enkel mens heeft dus een ‘objectieve’ blik op de wereld zoals hij of zij die ervaart. Tussen subject en object ligt in de observatie altijd een relatie van waarde / waardering, positief of negatief, naargelang de mate waarin de situatie aansluit bij zijn of haar persoonlijke behoeften en onderliggende emoties. De filosoof Pirsig noemde deze relatie de ‘kwaliteit’ welke een mens aan iedere momentane observatie of ervaring toekent.

Als we ons moeten aanpassen aan een nieuwe wereld zullen we ons dus in de eerste plaats onze eigen beperkte rationaliteit moeten realiseren en onze gevoelsmatig gedreven perspectief van de wereld, dus vooral welke waarden, kwaliteiten, ons leven betekenis geven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *