Het virus van desinformatie

In de westerse wereld is over het algemeen wel een breed besef welke de grootste bedreigingen voor de mensheid zijn: klimaatopwarming, ineenstorting van ecosystemen, chemische vervuiling, ongecontroleerde biotechnologie, kernoorlog. Ook groeit het besef dat zonder een wereldwijde, supranationale samenwerking de oplossingen voor deze problemen er niet zullen komen. Dit gebrek aan internationale samenwerking bij deze existentiële items is dus op zichzelf al een zesde bedreiging. En aangezien het oplossen van deze vitale, complexe problemen direct afhankelijk is van empirisch betrouwbare, testbare data en relevante informatie kan een zevende bedreiging er gevoeglijk aan worden toegevoegd, een die wellicht boven alle andere problemen uitstijgt omdat ze oplossingen versluierd, vertraagd of blokkeert: desinformatie.

Desinformatie door fake-facts, cheap- en deep-fakes, trolls, conspiracy theories, propagandamedia en slechte research-en wetenschapsjournalistiek over het algemeen. Zonder betrouwbare feiten en informatie kan een individu zich niet oriënteren in de wereld en ontstaat er in samenlevingen een wantrouwen tegen de overheid en zijn instituten, tegen de media, tegen de tech-giganten, tegen de wetenschap en uiteindelijk tegen de democratie zelf. Het virus van de desinformatie keert zich tenslotte tegen de mensheid zelf.

Het domein waar men de meeste publiekelijk checkbare data en betrouwbare informatie zal vinden is binnen de global scientific community. Niet bij politieke, religieuze en economische leiders, zij zijn (en waren) eerder een sta in de weg om met 21ste eeuw oplossingen voor wereldproblemen te komen. Hun rol is idealiter om de best mogelijke wetenschappelijke expertkennis desinformatievrij te verzamelen en die op een zo transparant mogelijke manier te vertalen naar een sociaal/economisch beleid.

De coronapandemie laat op een hoogst pijnlijke manier zien (gelukkig maar, zou je zeggen) waar het mis kan gaan. Politieke leiders die wetenschappelijke expertkennis bagatelliseerden of domweg negeerden gingen op hun bek en moesten tenslotte buigen voor de mortaliteitscijfers. Religieuze leiders die de samenscholingswaarschuwingen in de wind sloegen idem dito. En de global corporate elite die een onbelemmerde vrije wereldmarkt bleef propageren lukt dat alleen in landen waarvan de politieke elite zich niet laat leiden door de adviezen van de scientific community.

Desinformatie, verspreid door overheden en economische belanghebbenden, kon wel eens het grootste probleem zijn bij het vinden van oplossingen voor de top 6 wereldproblemen. Immers desinformatie, ongeacht de bron ervan, wordt voornamelijk verspreid door niet-experts, in dit geval door de leken op een bepaald (top 6) wetenschappelijk probleemgebied.

De empirische wetenschappers zelf zullen niet snel desinformatie verspreiden tenzij experts daartoe gedwongen worden door hun (vnl. autocratische) regimes, of gechanteerd of omgekocht worden door belanghebbende bedrijven of instituten. Binnen de worldwide scientific community van de empirische wetenschappen is het moedwillig verspreiden van desinformatie ongebruikelijk, althans vele malen minder dan erbuiten, omdat het publiceren van fake- of soaponderzoek meestal leidt tot de uitstoting van frauderende onderzoekers uit hun community. Bovendien zullen de gecorrumpeerde onderzoeksinstituten waarin ze werken grote financiële en prestigeschade lijden.

Het bestaan waarmee wetenschap staat of valt is ‘waarheidsvinding’ (in de zin van: de voorlopig meest waarschijnlijke correlatie en causaliteitsbevinding) en niet prestigieuze macht, politieke ideologie of geldelijk gewin. Dat macht, ideologie en geld in de dynamiek van onderzoeksinstituten binnensluipen zal niemand ontkennen maar het zelfreinigende vermogen (ethische commissies, sponsor-publicatieplicht, fact-finding commissies, transparency guidelines, ed.) vormt een behoorlijk filter daartegen, althans ze beschikken over een vele malen beter anticorruptie-filter dan buiten de academische wereld. 

Het gevaar dat desinformatie verspreid wordt door de gevestigde, zgn. onafhankelijke media blijft steeds aanwezig omdat de nieuwsmedia financieel afhankelijk zijn van grote mediaconcerns, van hun adverteerders en van de lees- en kijkcijfers van hun publiek. Daarnaast zijn de media voortdurend onderhevig aan de druk die regeringen, overheidsinstituten en grote corporaties direct en indirect op hen uitoefenen. En onderhevig aan de selectief geframede informatie die deze aan de media afgeven, plus afhankelijk van de (on)welwillendheid om zich door een kritische media-analyse te laten ‘onderzoeken’. 

Over het gevaar van desinformatie verspreid door de social-media hoeven we het niet te hebben, dat is voor iedereen wel duidelijk (bv. de 10.000 fact-checkers en de fact-algoritmes van Google zullen weinig zoden aan de dijk zetten, daarvoor is het fenomeen desinformatie te omvangrijk en zijn er teveel andere oncontroleerbare social-media kanalen).

Wat te doen? Niemand weet het. Het enige wat men mag hopen is dat de wereldburger er op staat dat hun overheden het recht op vrije informatie, het recht op vrije meningsuiting en het burgerlijk demonstratierecht invoeren, respecteren en zeer hartgrondig verdedigen. Zo niet dan is burgerlijke ongehoorzaamheid door bezettingen, blokkades, ethisch hacken, boycotten, en het saboteren van repressieve overheden ed. zeer goed te verdedigen. 

Wat men tenslotte vooral mag hopen is dat wetenschappers uit hun studeerkamers komen en het als een normale verantwoordelijke taak beschouwen om hun kennis en adviezen onder het grote publiek te brengen, om de bevolking in begrijpbare taal voor te lichten en te mobiliseren om zich te verzetten tegen hun ondergangslot. Niet afwachten tot je door de media uitgenodigd wordt, niet afschuiven met ‘dit is wetenschap, de rest laat ik aan de politiek over’, niet volstaan met handtekeningacties in grote kranten of overlaten aan persvoorlichters van de eigen universiteit. Als het om halszaken gaat zoals bij de top7 wereldbedreigingen zal de stem van de wetenschap veel harder en activistischer moeten klinken. De wetenschapper kan het zich bij deze zaken niet meer permitteren om zich apolitiek op te stellen.

Mijn gok is dat we het in de eerste plaats zullen moeten hebben van een zeer luide stem uit de wetenschappelijke wereld dwz. van hun moedige verzet tegen tegen de misbruikers/verspreiders van desinformatie en van hun onvoorwaardelijke loyaliteit aan de wereldbevolking die in toenemende mate in existentiële nood raakt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *