Cyberveiligheid nu nog essentiëler

Tijdens en waarschijnlijk ook na de Coronaperiode werken en leven we meer dan ooit solistisch via beeldschermen: de mobi, de tablet en de computer. Naast de websites, de e-mail, de sociale media en specifieke apps is daar nu standaard het beeldbellen- en vergaderen bijgekomen.

Onze overheid zou nu al een taskforce aan het werk moeten zetten (en een miljard euro reserveren) om de cyberveiligheid van de overheidsinstellingen, bestuursorganen, staatsbedrijven en door de overheid/burgers betaalde non-profitorganisaties op een veel hoger peil te brengen. Dit geldt ook voor de digitale  beveiliging van strategische voorzieningen als energie, telecommunicatie e.d. Bedrijven zullen hetzelfde moeten doen.

De cyberveiligheid wordt in de toekomst een veel groter probleem dan het nu al is. Als werknemers meer thuis werken, overleg meer via beeldbellen verloopt en nóg meer communicatie digitaal gaat verlopen, biedt dat nog meer en zelfs uitgelezen nieuwe kansen voor hackers. Niet alleen voor pubers die elektronisch rotzooi trappen, maar vooral voor criminele digitale gijzeling en politieke desinformatie of  informatiediefstal door andere landen. Als gevolg van teruglopende internationale contacten is cyberspionage als politiek middel en voor bedrijfsspionage voor landen des te urgenter geworden. China vs Amerika. Amerika, China en Rusland vs Europa.     

Deze spionage zal nog schadelijker kunnen worden als werkgevers werk-controle software met beeld en geluid op de digitale apparatuur van hun thuiswerkers gaan zetten. Maar ook bijvoorbeeld als de overheid steeds meer apps gaat gebruiken voor belastingen, huisvesting, gezondheid e.d. Allemaal uiterst kwetsbare gereedschappen met mogelijkheden voor hackers om chaos te creëren, gegevens te stelen en het functioneren van een samenleving te verstoren.

En dan hebben we het nog niet eens over die lacherige kreet ‘aantasting van de privacy’. Zoals filosofe Maxim Februari keer op keer opmerkte: dat is een veel te softe term. Het gaat feitelijk om de aantasting van het wettelijke grondrecht van de burger op onaantastbaarheid van zijn of haar persoonlijke levenssfeer, zonder toegang door derden. Dat recht hebben we als samenleving uit ‘efficiency’ oogpunt jaren geleden al sterk aangetast door welke elektronische dienstenprovider dan ook toe te staan cookies op onze persoonlijke digitale spullen te plaatsen. Informatieblokjes die het mogelijk maken gegevens over onze persoonlijke levens te combineren tot persoonlijke gedragsmodelletjes (algoritmen).

Nu we door de pandemie onze levens nog verder lijken te gaan digitaliseren, is het niet moeilijk om post-Corona je ook in Europese landen een digitaal Toezicht- en Bewakingssysteem rond onze persoonlijke gedragingen voor te stellen, waaronder de Chinezen nu  al gebukt gaan, gedragsprofielen waar ook de rest van de wereld via cyberspionage in mee kan kijken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *